Persoonlijk verhaal

Van Waarschuwing tot Laatste Wens

Hoe het lichaam in de Nederlandse anatomische theaters veranderde van dat van een veroordeelde crimineel naar dat van een lichaamsdonor

Degenen die bij leven als misdadigers schade toebrachten, zijn na hun dood van voordeel,

En de gezondheid verkrijgt op grond van diezelfde dood winst. 

Het stoffelijk overschot onderwijst zonder stem,

En lichaamsdelen, ook al zijn ze dood, verhinderen dat wij op dezelfde manier sterven.

Voorhoofd, vinger, nier, tong, hoofd, hart, long, brein, botten, en handen geven jou als Levende de aanwijzingen.

Toehoorder, leer van jezelf, en als je de afzonderlijke delen doorloopt, geloof dan dat in het kleinste onderdeel God verborgen is.

- Casparus Barlaeus -

De Latijnse versie van bovenstaand gedicht van Casparus Barlaeus (1584-1648) stond rondom het Amsterdamse anatomisch theater in de Waag geschreven. Het anatomisch theater was vroeger de plek waar publieke ontledingen plaatsvonden. Tijdens deze ontledingen werd een mensenlichaam door de Professor in de Anatomie ontleed om studenten en geïnteresseerde burgers te leren hoe het lichaam van de mens er van binnen uit zag. Over het algemeen waren de lichamen die ontleed werden van ter dood veroordeelde criminelen. De doodstraf kennen we tegenwoordig niet meer in Nederland en mensen worden niet ontleed zonder dat ze daar zelf toestemming toe hebben gegeven. Lichamen die nu worden gebruikt voor anatomisch onderwijs zijn van mensen die hun lichaam, nadat ze zijn overleden, hebben afgestaan aan de wetenschap. Door de geschiedenis heen is er veel aandacht geweest voor de professoren die het lichaam ontleedden, dat komt onder andere door beroemde schilderijen van bijvoorbeeld Rembrandt. Minder aandacht is er voor de persoon die ontleed wordt. Op deze pagina lees je meer over wie er op de snijtafel ligt en hoe dat door de jaren heen is veranderd.

Een impressie van het anatomisch theater in Rijksmuseum Boerhaave. Het publiek kijkt hier naar een informatieve video over het museum. Het theater is een replica van het anatomisch theater uit de 17e eeuw. Afbeelding: Rijksmuseum Boerhaave

Een crimineel in het Amsterdams anatomisch theater

Als we eens kijken naar het gedicht van Barlaeus vertelt dit ons eigenlijk heel veel over anatomische theaters uit de 16e en 17e eeuw. Tot de 16e eeuw was het ongebruikelijk om een mens te ontleden omdat het Christendom voorschreef dat een mensenlichaam intact moest blijven na de dood. Barlaeus laat ons echter zien dat het ontstaan van deze publieke ontledingen juist ook in het Christendom zijn te vinden: men wilde dichter tot Gods schepping komen. Door stuk voor stuk onderdelen van het lichaam te ontleden en te onderzoeken probeerde chirurgijns, de artsen van die tijd, Gods creatie te begrijpen. Niet alleen studenten leerden tijdens een ontleding meer over het menselijk lichaam, ook geïnteresseerde burgers konden tegen betaling langskomen. Naast het verspreiden van kennis had het anatomisch theater nog een taak. Het diende namelijk ook als een waarschuwingsmiddel. Het lijk van de crimineel dat werd ontleed moest toeschouwers er voor behoeden op het slechte pad terecht te komen. Het anatomisch theater liet je zien hoe je zou eindigen als je wel een misdaad zou begaan. In het gedicht van Barlaeus is deze waarschuwing bijvoorbeeld te lezen in de zinnen ‘En lichaamsdelen, ook al zijn ze dood, verhinderen dat wij op dezelfde manier sterven’ en ‘Toehoorder, leer van jezelf’.

Fragment van Rembrandts schilderij 'Anatomisch les van dr. Deijman". Een groot deel van het schilderij is verwoest tijdens een brand in 1723. Afgebeeld zijn de assistent van dr. Deijman en de figuur die ontleed wordt: Joris Fonteijn. Afbeelding: Amsterdam Museum, http://hdl.handle.net/11259/collection.38545

Hoewel de schilderijen van Rembrandt vooral de Professor in de Anatomie in het middelpunt zetten, leren ze ons ook wie er op de snijtafel lag. Zo is het bijvoorbeeld bekend dat de persoon die wordt ontleed op het schilderij ‘De Anatomische les van dr. Deijman’, de crimineel Joris Fonteijn (1633/1634-1656) is. Fonteijn was een zogenoemde recidivist, iemand die veelvuldig wordt veroordeeld vanwege criminele activiteiten. Aan het einde van het jaar 1655 werd hij op heterdaad betrapt tijdens een inbraak op de Nieuwendijk in Amsterdam. Na eerdere straffen moest hij het dit keer bekopen met de strop. Naderhand werd Joris Fonteijn ter beschikking gesteld aan het anatomisch theater. Nadat hij was ontleed en door Rembrandt vereeuwigd op zijn schilderij, werd Fonteijn op 2 februari 1656 begraven op het Amsterdamse Zuiderkerkhof.

Hoe zat dat in Leiden?

Ook Leiden ken een rijke anatomische historie. Helaas zijn er geen bekende schilderijen van Leidse ontledingen en is er dus ook minder informatie over criminelen die in Leiden werden ontleed. Wat van Leiden wel bekend is, is hoe het anatomisch theater eruitzag in de 17e eeuw. Dat is onder andere bekend door onderstaande afbeelding. Het anatomisch theater dat nu te zien is in Rijksmuseum Boerhaave is onder andere op deze afbeelding en andere beschrijvingen van het theater gebaseerd. Als bezoeker van een ontleding kon je duidelijk zien wie er ontleed werd. Echter, privacy speelde wel een rol. Er werd namelijk altijd voor gezorgd dat de crimineel op de snijtafel uit een andere streek afkomstig was. Zo stond je als publiek niet ineens oog in oog met een bekende.

Twee of drie keer per jaar vond er een ontleding plaats in het anatomisch theater. Methodes om het lichaam te balsemen en prepareren bestonden toentertijd nog niet, dus om het lichaam zo goed mogelijk te conserveren waren de ontledingen altijd in de winter. Om het publiek ook ’s zomers te kunnen vermaken en de studenten toch te kunnen onderwijzen werden de skeletten van ontleedde criminelen schoongemaakt en bewaard. Ook het Leidse anatomische theater waarschuwde haar publiek. De skeletten werden namelijk tentoongesteld op een manier die de bezoekers er op wees om geen fouten te begaan. Zo werden allerlei zondes afgebeeld, waaronder de erfzonde van Adam en Eva. Ook de teksten op de vlaggen die de skeletten vasthielden verwezen, net als het gedicht van Barleus, naar het belang van jezelf te leren en geen misdaden te begaan. Ook de skeletten in het anatomische theater van Rijksmuseum Boerhaave staan op dezelfde manier gepositioneerd zoals op de afbeelding uit 1610.

Ets uit 1610 van het Leids anatomisch theater. Deze afbeelding geeft een impressie van hoe het er in de 17e eeuw aan toe ging. Vooraan in het midden zie je Adam en Eva afgebeeld, als waarschuwing voor het publiek om geen zonden te begaan. Afbeelding: Rijksmuseum, http://hdl.handle.net/10934/RM0001.COLLECT.181659

Al gedurende de 17e eeuw werd het, ook in Leiden, steeds minder gebruikelijk om lichamen van ter dood veroordeelde criminelen te ontleden in de anatomische theaters. In plaats hiervan werden lichamen van overleden patiënten van het gasthuis, zo heette het ziekenhuis toen, overgedragen aan de universiteit. Daarnaast werd het anatomische onderzoek ook steeds vaker achter gesloten deuren uitgevoerd. De anatomische theaters raakten daardoor steeds minder in gebruik.

In Leiden werd de collectie van skeletten door de jaren heen aangevuld met zogenaamde rariteiten van over de hele wereld. Deze objecten konden van alles zijn, lichaamsdelen van mensen of dieren, preparaten, schelpen, vlindercollecties en nog veel meer. Dit ‘rariteitenkabinet’ is, nadat het anatomisch theater in onbruik was geraakt, een publiekstrekker gebleven. Zo vormde het een van de eerste musea van Nederland. Ook rondom het huidige anatomische theater in Rijksmuseum Boerhaave vind je zulk soort objecten en krijg je een idee van hoe het er vroeger uitzag.

Hoe zit dat tegenwoordig?

De verschuiving van publiekelijk ontleden naar een snijzaal achter gesloten deuren zette zich door en vandaag de dag worden publieke ontledingen niet meer in anatomische theaters uitgevoerd. Operaties die live op televisie worden uitgezonden kunnen in zekere zin als de anatomische theaters van onze tijd kunnen zien.

Beeld van een operatie in het ZGT in Hengelo die in 2015 live werd uitgezonden op RTV Oost. Kijkers konden op social media vragen stellen door gebruik te maken van de hashtags #zgt en #liveoperatie. Afbeelding: RTV Oost

Geïnteresseerden in de werking van het menselijk lichaam kunnen op deze manier net als vroeger meekijken hoe een chirurg te werk gaat. Anatomisch onderzoek en onderwijs is echter alleen voor academici. Hiervoor worden ook vandaag nog lichamen van overledenen gebruikt. Als we nog eens terugkeren naar het gedicht van Barlaeus is te lezen dat door het te ontleden een lichaam ook na de dood nog van nut kan zijn. Dat nut is wat veel mensen vandaag de dag drijft hun lichaam na de dood ter beschikking te stellen aan de wetenschap. Nederlandse universitaire ziekenhuizen hebben voor hun onderzoek en onderwijs ongeveer 800 lichamen per jaar nodig en daaraan kunnen ze voldoen dankzij deze lichaamsdonoren. Er zijn zelfs vaak te veel mensen die hun lichaam willen doneren waardoor ziekenhuizen niet alle aanmeldingen kunnen aannemen.

Waar het voor de overledene een fijn idee is dat zijn lichaam nog van waarde kan zijn voor de wetenschap, kan het voor nabestaanden een lastig proces zijn. Als een lichaamsdonor is overleden, moet het stoffelijk overschot binnen 24 uur naar het ziekenhuis worden gebracht. Voor afscheid is dan weinig tijd, laat staan voor een begrafenis of crematie. Bovendien wordt een lichaam voor zoveel mogelijk onderzoeken gebruikt. Dat resulteert erin dat lichamen vaak in delen worden gecremeerd. Voor nabestaanden blijft er dan geen urn of graf over als gedenkteken. Veel universitaire ziekenhuizen hebben daarom de wens toch aan dit gemis tegemoet te komen en creëren om die reden een monument voor lichaamsdonoren. In Leiden is in 2018 een monument geplaatst op de begraafplaats Groensteeg. Ook wordt er vanuit het LUMC jaarlijks een bijeenkomst georganiseerd voor nabestaanden van lichaamsdonoren.

Monument voor Lichaamsdonoren dat in 2018 door het Leids Universitair Medisch Centrum is geplaatst op begraafplaats Groensteeg in Leiden. De in brons gegoten boom, een es, staat symbool voor het lichaam van de donor: nadat het is afgestaan kan het nog van nut zijn. Afbeelding: LUMC

Terwijl het anatomisch theater vroeger een verlengstuk was van de doodstraf, is het laten ontleden van je lichaam ten behoeve van de wetenschap tegenwoordig voor veel mensen een laatste wens. Het vroegere anatomisch theater was niet alleen een plek voor wetenschap, maar diende ook om het gewone volk te behoeden voor de criminaliteit. Tegenwoordig is de universitaire snijzaal naast een plek voor de wetenschap ook een respectvolle en waardige laatste rustplek. Toch zou de medische wetenschap nooit zo ver zijn gekomen als vandaag zonder de toegang tot de lichamen van de criminelen uit de 17e eeuw. Wellicht kan het monument voor lichaamsdonoren dat het LUMC plaatste ook een beetje kan gelden voor iedereen die zijn lichaam doneerde aan de wetenschap, inclusief zij die daar niet zelf voor hebben gekozen.

Geschreven door: Wiebe Reints