Persoonlijk verhaal Covid-19 en Geschiedenis

Acteurs met een beperking? Acteurs met een talent!

De geschiedenis van mensen met een visuele beperking en Toneel Mooi Uitzicht

Theater is een van de oudste communicatiemiddelen die we kennen. Nog voordat mensen konden praten, communiceerden ze al met gebaren en gezichtsuitdrukkingen. Theater is een manier om een verhaal te scheppen, om jezelf uit te drukken. Het is een manier om je verhaal groter te maken dan alleen je eigen lichaam. Het is de plek om je te verkleden en te doen alsof je iemand anders bent. Met deze beschrijving van theater zou het podium een plek moeten zijn voor iedereen. Toch is de geschiedenis van mensen met een visuele beperking in het theater ongelooflijk kort.

Resultaten van het invoeren van 'theater' en 'blind' in Delper met een tijdspan van 1900-1991. De eerste resultaten zijn absoluut en de tweede resultaten zijn relatief ten opzichte van het aantal publicaties.

Visuele beperking in de krant

Artikel uit de 'Limburger koerier : provinciaal dagblad'. Heerlen 30-11-1928.

Artikel uit 'Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij'. Amsterdam 28-06-1926.

Er is nog weinig gepubliceerd over mensen met een visuele beperking en theater. Voor een basale voorgeschiedenis leent de Nederlandse krantendatabase Delpher zich goed. Uit een zoekopdracht met de woorden 'theater' en 'blind' - de meest gebruikte term door populaire media in de twintigste eeuw voor mensen met een visuele beperking - blijkt dat de twee termen in combinatie pas in de jaren twintig van de vorige eeuw vaker voorkomen. Rond 1930 stijgt de combinatie zelfs tot meer dan 150 krantenartikelen. Ondanks het feit dat de woorden soms in een andere context worden gebruikt, is de toename aanzienlijk. De artikelen in de jaren twintig beschrijven vaak liefdadigheidsvoorstellingen voor mensen met een visuele beperking in een theater. Het gaat hier vooral om muzikale voorstellingen. Voorbeelden hiervan zijn een voorstelling in het Tuschinski Theater in Amsterdam en een liefdadigheidsconcert in het Grand Theater in Venlo.

De Nederlandse Blindenbond

Daarnaast komt de combinatie van ‘blind’ en ‘theater’ ook vaak voor in reportages over de Nederlandse Blindenbond, die haar bijeenkomsten hield in de Haagse Schouwburg Heerengracht. Deze toevalstreffer -als de Blindenbond niet in een theater had vergaderd zou het niet in de studie zijn opgekomen- lijkt een verklaring te zijn voor het groeiende aantal voorstellingen voor mensen met een auditieve beperking. De Nederlandse Blindenbond werd immers in 1895 opgericht, maar wist pas in de jaren twintig echt wezenlijke veranderingen te bewerkstelligen. In een verzuilde Nederlandse samenleving kreeg de bond al snel concurrentie uit confessionele hoek en kwam het emancipatieproces voor mensen met een visuele beperking langzaam op gang kwam. De vakbond stelde nieuwe wetgeving voor en probeerde de werkgelegenheid voor mensen met een visuele beperking te vergroten.

Een protestmars van de Nederlandse Blindenbond in 1929, 'Arnhemsche Courant'.

Een medische blik

Artikel uit 'Het Centrum'. Utrecht, 15-11-1928.

Desondanks was de berichtgeving in kranten over mensen met een visuele beperking nog erg medisch van aard. Niet of beperkt kunnen zien werd als een medische afwijking beschreven. Bij pogingen om mensen met een visuele beperking dezelfde rechten als andere burgers te bieden werden juist de afwijking bij mensen met een visuele beperking benadrukt. Een goed voorbeeld hiervan is een artikel in Het Volk uit 1926. In het artikel wordt beschreven hoe leden van ‘De Nederlandse verenging tot bevordering van den arbeid voor onvolwaardige Arbeidskrachten’ een Duitse film werd getoond. Deze film liet ze zien op welke manier mensen met een visuele beperking door een goede opleiding volwaardig arbeiders konden worden en daarmee dus economisch onafhankelijk. Omschreven wordt hoe ‘blinde’ mensen werden getraind of opgeleid zodat ze technisch en economisch niet te onderscheiden waren van mensen die wél kunnen zien. Met deze sociaaleconomische beschrijving lijkt een visuele beperking iets te zijn dat 'opgelost' moet worden of iets dat 'overwonnen' moet worden. Ondanks het feit dat een groep mensen zich inzette voor de rechten van mensen met een visuele beperking, leek een eenzijdig en medisch perspectief te overheersen. Het zou verklaren waarom er in de jaren twintig van de vorige eeuw vooral voorstellingen waren in theaters vóór en niet dóór slechtzienden. Omdat deze mensen niet konden zien, werd een luisterconcert gehouden als oplossing voor het probleem dat zij niet konden zien. Met deze insteek was het moeilijk om de rollen om te draaien en visueel beperkte acteurs op het podium te krijgen.

Emancipatie in de culturele sector

Artikel uit 'De waarheid'. Rotterdam,14-04-1990.

In de jaren veertig, vijftig en zestig bleef het erg stil qua krantenartikelen waar 'blind' en 'theater' worden genoemd. Aan het einde van de jaren tachtig is er echter weer een piek te onderscheiden. Ook hier gaan de artikelen over ‘blind’ en ‘theater’ vaak over voorstellingen voor mensen met een visuele beperking. Specifieke voorbeelden van theater door slechtzienden zijn nog steeds niet te vinden. Er zijn echter wel meer berichten te vinden over inclusiviteit in de culturele sector. Een voorbeeld hiervan is Yolande Bertsch, initiatiefnemer van 'Zoals het is', die een filmproject gebruikte om een gezin met beperking de kans te geven zelf een programma te maken met een eigen visie. Ze startte dit project omdat ze zag dat mensen met een beperking geen eigen zegje hadden in de culturele sector, vertelde ze in een interview met Trouw in 1984:

Het valt me op dat wanneer een acteur iemand speelt die doof of blind is, of bijvoorbeeld in een rolstoel, en dat doet hij zo goed, het grootste enthousiasme bij het publiek kan opwekken, terwijl degenen die dat kunstwerk geïnspireerd hebben meestal weinig interesse tonen en moeten vechten om een stoepje lager te krijgen.

Een verklaring zoals deze getuigt van een verandering in de medische kijk op mensen met een beperking. In een artikel in De Waarheid uit 1990 met de titel 'Handicap als theatrale kwaliteit' wordt zelfs betoogd dat een beperking helemaal geen beperking is, maar een kwaliteit die op het toneel juist uitgebuit kan worden. Door fysieke beperking hebben mensen een andere lichaamstaal en krijgen ze toegang tot nieuwe dimensies van theater. Hulpmiddelen zoals een rolstoel worden hierdoor esthetische kunstwerken op het toneel. Een beperking, waar in dit voorbeeld dus ook een visuele beperking onder valt, was in de ogen van de schrijver plots geen medische afwijking meer, maar een alternatieve kunstvorm.

In gesprek met Toneel Mooi Uitzicht

Casper Schimmel

Liesbeth Cornelissen

Dit brengt ons bij het heden. Bijna honderd jaar na de protesten van de Nederlandse Blindenbond is er een theatergroep met enkel acteurs met een combinatie van een visuele en auditieve beperking. Theater Mooi Uitzicht, dat dit jaar zijn tienjarig bestaan viert, bouwt voort op wat het eerdergenoemde artikel in De Waarheid omschreef; beperking omvormen naar kwaliteit.

Het doel van Toneel Mooi Uitzicht is in eerste instantie spelplezier, sociale contacten zijn essentieel en groei van eigenwaarde.  Ik denk dat dat de drie dingen zijn die voor mij belangrijk zijn bij Toneel Mooi Uitzicht

vertelt Casper Schimmel vastberaden. Hij is regisseur van het theatergezelschap uit het Gelderse Beek. De groep is verbonden aan het centrum voor doofblinden van Kalorama, een zorginstelling voor mensen met een specifieke zorgvraag. Liesbeth Cornelissen - begeleider en verantwoordelijk voor kostuums - knikt en voegt daaraan toe: “Ik vind dat Casper heel breed kijkt. Dus als je zegt: ‘we hebben een theatergroep’,  dan denken mensen: ‘die spelen een stukje toneel en that’s it’. Maar we kijken ook naar zang, naar beweging, teksten voordragen, het is heel veelzijdig. De acteurs kiezen wat ze willen spelen en op basis daarvan schrijft Casper een script.' Liesbeth ziet ook dat de groep hierin een ontwikkeling heeft doorgemaakt:

Veel mensen zijn heel erg gegroeid, als ik zie hoe je de spelers in het begin op weg moest helpen naar een rol. Als we nu vragen: ‘wat willen jullie spelen?’, dan komen de geprinte A-4tjes tevoorschijn.

Bij Toneel Mooi Uitzicht is de acteur met beperking dus aan zet en wordt er voortgeborduurd op de talenten van spelers. Casper ziet weinig verschil met andere amateurgroepen die hij heeft begeleid: “Als ik met jullie theater ga maken kijk ik ook naar wie jij bent en wat je kwaliteiten zijn.” Liesbeth voegt daar echter aan toe: “Wat ons wel echt onderscheidt is de unieke vorm van communiceren, de verscheidenheid daarin en het samenspel daardoor. Dat je bijvoorbeeld mensen die elkaar niet verbaal kunnen verstaan samen laat spelen. Casper stemt daar mee in: “dat klopt, ik heb zelf altijd de neiging om te zeggen: nee er is niks bijzonders aan, amateurclubs zijn net zo bijzonder maar het klopt wel, de communicatie is echt anders dan bij elke theatergroep waarmee ik ooit gewerkt heb.” Daarnaast leggen Casper en Liesbeth uit dat verschillende combinaties van acteurs telkens weer zorgen voor een nieuwe vorm van theater. Als voorbeeld noemt Casper een scene uit de nieuwste voorstelling waarin Geertje, een vrouw die volledig doof en blind is, samenspeelt met Huibert: “Dit jaar hebben we een scene gemaakt waarin Geertje en Huibert samen afwassen. Dit zit voor Geertje heel erg op het fysieke voelen, met haar handen in het sop, terwijl het voor Huibert heel erg zit op ‘knap hè dat ik die oudere mevrouw help om toneel te spelen?’”

Huibert (links) en Geertje (rechts) in de nieuwe voorstelling 'Camping Kleurrijk'.

Theater in coronatijd

De coronamaatregelen, die sinds maart 2020 gelden, hebben het Toneel Mooi Uitzicht niet bepaald makkelijk gemaakt. Het vergt veel organisatie en kost veel energie. Casper legt uit: “We repeteren wel weer in groepen en dat betekent dat mensen uit één woongroep dichter bij elkaar in de buurt mogen komen, maar tussen cliënten van verschillende afdelingen en van buiten Kalorama onderling moet gewoon afstand worden gehouden. Hierdoor heb ik met veel cliënten geen fysiek contact meer, dan is er een tolk die het fysieke contact doet. Ik ben gewoon heel fysiek dus dat mis ik heel erg.’ Hierdoor is het ook niet mogelijk om de voorstelling van dit jaar – getiteld Camping Kleurrijk – met publiek door te laten gaan. “We hebben wel drie of vier scenario’s gehad die we moesten schrappen. We hebben echt gekeken naar de mogelijkheden. De voorstelling moet doorgaan. Nu is het uiteindelijk dus een film geworden en hebben we toneel weer op maat kunnen bieden. Daar ben ik heel trots op”, vertelt Liesbeth.

Begeleiders en spelers van Toneel Mooi Uitzicht in coronatijd.

De omstandigheden werken dus extra beperkend dit jaar, maar daar gaat het uiteindelijk ook niet om. “Beperking? Nee, wij passen ons wel aan!”, is de boodschap. Beperking wordt bij Toneel Mooi Uitzicht omgesmeed in talent. Van de medische visie op mensen met een visuele beperking uit de jaren twintig en dertig is niks meer over bij de theatergroep uit Beek. Het gaat er niet om dat je ogen en/of oren het niet goed doen. Het gaat er om dat iedereen eigen talenten heeft, beperking speelt daarin geen rol. Iemand heeft een beperking omdat zijn of haar omgeving zich niet goed genoeg kan aanpassen. De leden van de Nederlandse Blindenbond in 1926 hadden zich waarschijnlijk nooit kunnen voorstellen dat mensen met een visuele beperking ooit zelf theater zouden gaan spelen. Maar het is wel zo en het gebeurt nu!

 

Geschreven door: Sjoerd van Hoenselaar

Met dank aan: Casper Schimmel & Liesbeth Cornelissen